nationaal brandweer documentatie centrum

Bijlage 2

Dakota-incident Waddenzee – onderzoeksrapport – 25 september 1996 – bijlage 2

Opschaling van de hulpverlening bij slachtoffers op zee

Bijlage 2 Onderzoeksgrondslag Inspectie Brandweerzorg en Rampenbestrijding
* 2 Korte omschrijving op basis van de memorie van toelichting van het doel en de inhoud van incidentonderzoek
* 3 Afstemming met andere onderzoeksinstanties

1 Wettelijke grondslag
Het verrichten van onderzoek door de Inspectie Brandweerzorg en Rampenbestrijding is gebaseerd op artikel 19 van de Brandweerwet 1985.

Hierin is ten aanzien van onderzoek naar incidenten het volgende bepaald:

Eerste lid:

Onze Minister heeft, voor zover dit uit oogpunt van algemene brandweerzorg en rampenbestrijding noodzakelijk is, tot taak:

a. het toetsen van de wijze waarop een bestuursorgaan van een provincie, een gemeente, een lichaam dat bij gemeenschappelijke regeling is ingesteld dan wel een ander openbaar lichaam hun taken uitvoeren met betrekking tot het voorkomen van, het voorbereiden op en het bestrijden van een brand, ongeval of ramp;

b. het verrichten van onderzoek naar aanleiding van een brand, ongeval of ramp.

Derde lid:

Een bestuursorgaan van een provincie, een gemeente, een lichaam dat bij gemeenschappelijke regeling is ingesteld of van het Rijk dan wel een ander openbaar lichaam, dan wel een ieder die werkzaam is bij een organisatie, een instelling, een inrichting of een bedrijf dat betrokken is bij een brand, ongeval of ramp is desgevraagd verplicht de door Onze Minister aangewezen ambtenaren de inlichtingen te verstrekken die zij redelijkerwijs nodig hebben in verband met het verrichten van een onderzoek als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.

Ter voorkoming van misverstand wordt opgemerkt dat de hier omschreven verplichting tot medewerking niet pas geldt vanaf het moment waarop de minister formeel besluit tot het doen van onderzoek, maar ook in de daaraan voorafgaande fase van vooronderzoek, waarin door de Inspectie de informatie wordt verzameld die noodzakelijk is voor het kunnen nemen van voornoemd besluit.

2 Korte omschrijving op basis van de memorie van toelichting van het doel en de inhoud van incidentonderzoek

* De Inspectie Brandweerzorg en Rampenbestrijding heeft tot taak de minister van Binnenlandse Zaken in staat te stellen diens verantwoordelijkheid met betrekking tot de brandweerzorg en rampenbestrijding te kunnen waarmaken.
* Doel van incidentonderzoek is dat door alle organisaties, die bij de brandweerzorg en rampenbestrijding zijn betrokken, lering kan worden getrokken uit het feitelijk omgaan met incidenten.
* Bij een incidentonderzoek wordt niet alleen aandacht besteed aan het repressieve aspect van een incident, maar wordt de gehele veiligheidsketen in ogenschouw genomen.
Dit houdt in dat ook de wijze, waarop de verantwoordelijke instanties zich hebben voorbereid op incidenten en hoe de nazorgfase is verlopen, bij het onderzoek wordt betrokken.
De veiligheidsketen omvat de volgende fasen:
* pro-actie
* preventie
* preparatie
* repressie
* nazorg

3 Afstemming met andere onderzoeksinstanties
Bij incidenten is veelal ook sprake van geneeskundige hulpverlening. Op dit punt is ten aanzien van de afbakening van verantwoordelijkheden tussen de minister van Binnenlandse Zaken en de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bij koninklijk besluit, Stb. 1994, 9 geregeld dat ‘Onze Minister van Binnenlandse Zaken wordt belast met de organisatie van het geneeskundige deel van de rampenbestrijding’.

Het koninklijk besluit impliceert dat de toetsing van de aanwezigheid en functionaliteit van organisatieplannen en organisatorische procedures, de opschaling van de geneeskundige hulpverlening bij rampen en zware ongevallen, de organisatie van de geneeskundige hulpverlening ter plaatse en de evaluatie onder de verantwoordelijkheid valt van de minister van Binnenlandse Zaken, ook bij incidentonderzoek.

De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport blijft in het kader van de geneeskundige hulpverlening bij rampen en zware ongevallen verantwoordelijk voor de kwaliteit van het medisch/ geneeskundig handelen.

Overigens valt de opschaling van de geneeskundige hulpverlening bij rampen en zware ongevallen vaak niet te scheiden van die van de opschaling van de brandweer en overige hulpverleningsinstanties. Zo zal bij zware verkeersongevallen de opschaling doorgaans beginnen op de Centrale Post Ambulancevervoer. In dat geval is het heel wel mogelijk dat van daaruit ook de brandweer wordt gealarmeerd.