nationaal brandweer documentatie centrum

Verbindingen

Morsetelegraaf uit 1873Vanaf het prille begin van de georganiseerde brandbestrijding is er een noodzaak tot communicatie. Dat begon met de verplichting om luidkeels ‘brand!’ te roepen en klokken te luiden. Later werd er voor de alarmering ook gebruik gemaakt van trompetten, ratels of trommels. Voor de communicatie op het brandterrein werden boodschappers of ordonnansen ingezet en weer later fluiten of trompetten gebruikt. Sinds communicatie via lijnen en later via de lucht kan verlopen, wordt daarvan ook door de brandweer gebruik gemaakt.

Centrale seinzaal Brandweer Amsterdam, begin 20ste eeuwEigen verbindingsmiddelen
Bij de oprichting van de beroepsbrandweer in Amsterdam werd vanaf 1873 een eigen telegraafnet aangelegd, waarop op bijna 100 plaatsen ‘brandschellen’ waren aangesloten en waarmee alle negen kazernes en de centrale seinzaal met elkaar verbonden werden. Korte tijd later werden ook de burgemeester en de politiebureaus in het net opgenomen. Vanaf 1881 werd ook de telefoon steeds meer gebruikt en maakte ook de brandweer daarvan gebruik.
In kleinere gemeenten werd voor brandmeldingen vaak het plaatselijke telefoonkantoor of politiebureau ingeschakeld, vanwaar de brandweermensen met behulp van wekkerschellen gealarmeerd werden. Na de oorlog werden ook de luchtalarmsirenes ingezet voor de alarmering. Vanaf de jaren 70 kwamen er draagbare alarmontvangers in gebruik, die nu geëvolueerd zijn in de digitale ‘piepers’ op P2000.

Stafwagen Brandweer Amsterdam 1924Radiografische verbindingen
Al vanaf 1924 maakt de brandweer gebruik van radiotelefonie. Opnieuw was het de Amsterdamse brandweer die daarin voorop liep. In de stafwagen was een radio-zend/ontvangstinstallatie gebouwd, waarmee een verbinding met de centrale seinzaal kon worden onderhouden. Kort voor de oorlog kwamen er handzamer zend/ontvangsttoestellen en pas vanaf de jaren zestig spreken we van echte mobilofoons. Het spraakverkeer ging gewoon door de ether en was in principe af te luisteren. Sinds kort gebruikt de brandweer het digitale net C2000, waardoor ‘meeluisteren’ zonder actieve toestemming onmogelijk is geworden. Omdat het ethertijdperk nu achter ons ligt, is het wellicht des te interessanter hoe daar in de afgelopen jaren bij de brandweer mee is omgegaan.

Downloads
Hieronder vindt u een aantal – nu historische – documenten: een beschrijving van het telegraafnet van de Amsterdamse brandweer uit 1913 en de officiele versie van het morse-alfabet van dat korps en een tweetal publicaties van het ministerie van Binnenlandse Zaken over de netwerken van de brandweer uit 1976 en 1982. Weliswaar niet echt oud, maar in ieder geval nu historisch.
De documenten zijn opgenomen in PDF-formaat.

1913 – De Amsterdamsche brandweertelegraaf door J. Meijer
1920 – Seinteekens voor het gebruik van het Morsetoestel
1976 – Binnelandse Zaken – Verbindingsnetwerken voor overheidsbrandweren
1981 – College van Commandanten van Regionale Brandweren – Ad-hoc commissie Alarmcentrale brandweer
1982 – Binnelandse Zaken – Verbindingsnetten overheidsbrandweren